Medicijnen misleiding door de farmacie

‘Het is normaal voor farmaceutische bedrijven om winstmarges van boven de 20% te hebben. Dit is relatief hoog ten opzichte van andere sectoren, en even hoog als de winst in de software industrie. De winst kan niet worden verklaard uit het hoge risico dat een investering in een specifiek R&D traject niet wordt terugverdiend’ (COM Rapport SEO, 2014). De verklaring zit hem er in dat farmaceutische bedrijven vaak een monopoliepositie op een medicijn misbruiken en daardoor een onverantwoord hoge prijs vragen voor het medicijn. ‘Om dure geneesmiddelen betaalbaar te houden, moeten de winstmarges voor farmaceutische bedrijven aan een maximum worden gebonden. Dat zegt Wouter Bos, bestuursvoorzitter van het VU medisch centrum in Amsterdam. Een winstnorm van maximaal 10% is volgens Bos noodzakelijk omdat de farmaceutische industrie zelf alleen met kuloplossingen komt’ (FD, 2017). Zo wordt er bespaard op goedkope, veelgebruikte medicijnen van de huisarts om nieuwe dure kankertherapieën, die jaarlijks tussen de 50.00 en 150.000 euro per patiënt kosten, te kunnen betalen.

medicijnen


De geneesmiddelenmarkt is geen markt: alle afzet loopt via de voorschrijfpen van de dokter waar de farmaceutische industrie haar marketing op mikt. Dit betreft voornamelijk nieuwe, gepatenteerde middelen, waarvan de prijs eenzijdig wordt bepaald (Trouw, 2013). Deze farmamarketing, waar jaarlijks wereldwijd tientallen miljarden in omgaat, is vaak gebaseerd op een tekort aan testgegevens waardoor misleiding gemakkelijk plaats vindt en de artsen de nieuwe middelen massaal voorschrijven. Het voorschrijfgedrag van de arts staat sterk onder invloed van opinieleiders van universiteiten. Echter de universiteiten worden ook beïnvloed door dat ze de markt op moesten van de overheid en werken daarom in sterke mate mee aan farmamarketing. De afgelopen decennia stierven wereldwijd honderdduizenden patiënten door nieuwe geneesmiddelen die nog niet uit de testfase waren.

Drie voorbeelden van misbruik
1) Suikerziekte
‘Alleen al door Avandia, een middel tegen suikerziekte, kregen 47.000 mensen een dodelijke hartaanval, stelde een Amerikaanse Senaatscommissie in 2010 vast. Tachtig procent van de Amerikaanse suikerpatiënten en acht procent van hun Nederlandse lotgenoten slikte Avandia toen het in dat jaar van de markt verdween’ (Trouw, 2013). Ook zijn de middelen Januvia en Janumet met miljarden gepromoot bij huisartsen en universiteiten en verder gepromoot door te lobbyen bij politici, zorgverzekeraars, journalistiek, patiëntenverenigingen etc. Dankzij deze campagnes slikken in Nederland nu 50.000 suikerpatiënten de nog niet goed geteste middelen Januvia en Janumet.

2) Cholestrolverlagers
Dat alles om geld draait is duidelijk. Zes Nederlandse professoren bevielen cholesterolverlager Lipitor aan op een reclame-dvd van producent Pfizer. Simvastatine werkt veel beter en is goed onderzocht, maar toch hebben we de afgelopen tien jaar in Nederland twee miljard euro meer uitgegeven aan het veel duurdere Lipitor. ‘Uit de schaarse effectiviteitstudies blijkt helemaal niet dat Lipitor beter scoort. Wel dat het veel meer bijwerkingen heeft, maar daarover zwijgen de ‘mollen’ op de dvd. Pfizer bedankt hen op de hoes van de dvd hartelijk voor hun heldere analyses’ (Trouw, 2013).

3) AIDS-remmers
‘Het tijdperk waarin farmaceuten zich actief inspanden om inwoners van arme landen levensreddende medicijnen te onthouden is voorgoed voorbij, denkt Leereveld. Begin deze eeuw stuurde de industrie nog een peloton advocaten op Nelson Mandela af toen hij lokale fabrieken goedkope aidsremmers wilde laten maken. Liever dan arme Afrikanen het leven te redden wilden de farmaceuten hun eigen patenten beschermen’ (Volkskrant, 2014). De geneesmiddelenindustrie doet nu steeds meer om moeite om medicijnen beschikbaar te maken voor de armste inwoners van ontwikkelingslanden. Het motief is weer winstbejag: twee miljard aardbewoners hebben niet of nauwelijks toegang tot geneesmiddelen en de vraag naar geneesmiddelen groeit in de Derde Wereld vele malen sneller dan in rijkere landen.